


Omschrijf in drie zinnen wie je bent en wat je nu doet en waar je woont.
Mijn naam is Bep Stijger-de
Winter, geboren in 1950 in ’s-Gravenzande en mijn eerste verjaardag vierde ik al
in Poeldijk. Hier woonde ik met mijn ouders, mijn zus Jeanet (1953) en broer
Hans (1956). Op dit moment werk ik 2 dagen bij de financiële administratie van
het voortgezet onderwijs en ik breng ook nog post rond en die aantallen liggen
wekelijks anders. Op de fiets, dus goed voor mijn beweging. Ik vind het allebei
leuk werk. Nu woon ik in de Noorderhoek, samen met mijn man Harry, zoon Laurens
en onze dochter Lisanne woont en studeert in Wageningen..
Waar heb je gewoond
in Poeldijk?
Wij woonden in de Julianastraat op nr. 66, schuin tegenover de Leuningjes.
Wie waren je
vriendjes/vriendinnetjes?
Mijn vriendinnen op school waren Nelly Lange, Adrie Storm en Sjaan Kalisvaart.
Ook speelde ik met Elly Siepman en Aagje de Haan. Bij ons in de straat speelde
ik met André Vosveld en later met Ans Ruimers en Leny Vogels. Later kwamen ook
Annemarie en Kitty Witkamp, die ook veel met mijn zus omgingen.
Heb je op een
vereniging gezeten?
Jazeker. Toen ik eens een keer bij Sjaan Kalisvaart op de Slachthuiskade aan het
spelen was, kwam ik in aanraking met de CJV club. Zij woonde bij de fabriek van
Sleutels conserven, waar haar vader werkte. Daarbij was een kantine, wat toen
nog schaftlokaal heette. Op die bewuste woensdagmiddag kwam er een clubleidster
om de spullen klaar te zetten voor de club, die gehouden werd in het
schaftlokaal. Daar had ik ook wel zin in en nadat ik het natuurlijk eerst thuis
gevraagd had, ben ik lid geworden.
Waar ging je op
school?
Aan de Monsterseweg op de School met de Bijbel.
Wie was je favoriete
leraar/lerares en waarom?
Meester Groen was mijn favoriete leraar omdat hij heel mooi kon vertellen over
zendelingen en ontdekkingsreizigers. Ook gaf hij leuk aardrijkskunde. We mochten
in ons schrift plaatjes plakken van de fabrieken in Nederland, die we moesten
kennen. Daardoor onthield je het beter en daar had ik later op de MULO weer
profijt van. En toen het jaar 1961 was begonnen, schreef hij dat op het bord,
waarna hij het bord ondersteboven draaide en toen stond het er weer. Dat was een
bijzonder jaartal. Dit heb ik nooit vergeten. Juffrouw Vreugdenhil, die
handwerkles gaf heb ik bewonderd omdat ze altijd zo rustig en geduldig was. Een
fijne juf.
Welk plekje in
Poeldijk is jou het dierbaarst?
Toch wel de Julianastraat, waar ik een fijne jeugd heb gehad, maar ook wel de
Slachthuiskade, waar ik veel bij Sjaan gespeeld heb, maar ook bij de Zeeuw
bouwmaterialen, waar mijn vader werkte als chauffeur. Ik ging dan vaak met mijn
broer Hans mee met de vrachtwagen op woensdagmiddag en in de vakanties.
Waar deden jullie de
boodschappen?
Heel in het begin bij Albert Heijn, die toen in het pand zat, waar nu van
Spronsen electro in zit. Later de Spar. Onze melkboer was Karel Spitzer, die
vaak samen met zijn zoon Ton aan de deur kwam. Onze slager was Scholten en voor
het dagelijkse brood waren we bij Wubben, oftewel Pietje Verbeek te vinden. Voor
de kaas gingen we naar Nol van Koppen aan de overkant van het water, waar ook
Guus Vogels zijn winkel had en waar we ook regelmatig kwamen. En af en toe
mochten we iets van snoep kopen bij van Rijn in de Voorstraat. Zij hadden een
soort carrousel met veel keus. Een verrassingszakje voor een stuiver haalde ik
samen met mijn zus en Elly Siepman bij Jan en Bep Zuijderwijk in de
Dahliastraat. Voor een patatje gingen we naar Kees Patat.
Wie zou je nog wel
eens willen terugzien?
Juffrouw Stam, mijn kleuterjuf en verder mijn klasgenoten, die het Westland
hebben verlaten.
Wie was je idool?
Degene aan wie ik de fakkel doorgeef. Idool is misschien een te groot woord. Ik
zag haar altijd als mijn grote zus en soms mocht ik wel eens naast haar zitten
in de klas. Dan was mijn dag goed.
![]()
Wat
vind je de leukste rubriek op de website?
De foto’s en de fakkel.
![]()
Wil
je zelf nog iets kwijt?
Is daar nog ruimte voor? Ik vond het leuk om ook mijn bijdrage te geven aan deze
rubriek. Weer even terug in de tijd geweest.
![]()
Aan
wie geef je de fakkel door?
Ik geef de fakkel door aan Dita Bos-van Eendenburg. Zij zat bij mij op school.
Wel een klas hoger, maar in het zelfde lokaal.