
Omschrijf in drie zinnen wie je bent en wat je nu doet en waar je woont.
Mijn naam is Peter van Leeuwen. Ik ben geboren op 19 juni 1950. Op 16 mei 1975 ben ik getrouwd met Ria Raaphorst uit Kwintsheul en we hebben vier kinderen: Freek (27,woont in Leiden), Sara (25,woont in Rotterdam), Mirte (21) en Lisa (15), die beide thuis wonen. En ‘thuis’ is de Vredebestlaan, maar we hebben tussen de bedrijven door ook in Naaldwijk gewoond. Ik ben leraar aan het Wellant College aan de Madesteinweg in Den Haag en Ria werkt als cliëntondersteuner bij de stichting Florence.
Waar heb je gewoond
in Poeldijk?
Ik ben geboren aan de Hollewatering, de verste uithoek van Poeldijk, richting
Wateringen/Kwintsheul op de hoek van de Gantel. Mijn goede vader, die daar
tuinder was en met liefde letterlijk van alles teelde, gaf de locatie de naam ‘Waterloo’,
omdat het huis aan drie zijden door water was omringd. De hele buurt trok naar
Kwintsheul (tenslotte was dat dichterbij en dus praktischer), maar wij waren
door school en kerk aan Poeldijk verbonden.
Wie waren je
vriendjes/vriendinnetjes?
Als we lopend naar school gingen (elke dag gauw een half uurtje) sloten bij de
Blauwe Brug altijd wel neven of nichten aan, want in die omgeving zag het zwart
van de van Leeuwens. Achterneef Kees (woonachtig aan de Wateringse kant van de
Blauwe Brug) en Wim v.d. Spek van de Uithofslaan waren wel degenen met wie ik in
die dagen het meest om ging. Kees zie ik elk jaar nog wel een paar keer (hij
woont in Zoetermeer), maar Wim heb ik al in geen eeuwigheid meer gezien.
Heb je op een
vereniging gezeten?
Toen ik een pikkie van een jaar of
zes, zeven was, werd ik naar het jongenskoor gedirigeerd. Onder leiding van
dirigent Sipke de Jong en organist Henk Weber heb ik er een jaar of vijf
gezongen. Aan sport deed ik niet, waarschijnlijk vooral omdat deken Kuijs elke
zondag vrolijk vanaf de kansel stond te beweren dat sport (en zeker op zondag)
zondig was. En daar was met name mijn moeder zeer gevoelig voor (erg zacht
uitgedrukt). Later heb ik met Nico Straathof van de dr. Weitjenslaan de afdeling
tafeltennis bij Verburch opgericht. Helaas is die na 25 prachtige jaren ter
ziele gegaan.
Waar ging je op
school?
Mijn kleuterjaren heb ik aan de Voorstraat bij de zusters doorgebracht. De
Bartholomeusschool was vervolgens mijn lagere school. Daarna werden de banden
met Poeldijk voor een drietal jaren verbroken, omdat ik naar het seminarie in
Noordwijkerhout ging. Elk zichzelf respecterend katholiek gezin moest natuurlijk
wel een priester voortbrengen en de keuze viel op mij. Na drie jaar vond ik het
echter welletjes, maar ik heb er ontegenzeglijk een prachtige tijd gehad. Ik
werd als leerling ingeschreven bij de ULO aan de Irenestraat en daarna heb ik de
HAVO en Pedagogische Academie gedaan in Den Haag-Mariahoeve.
Wie was je favoriete
leraar/lerares en waarom?
Bij de heren Verschuuren en Kemper
voelde ik mij altijd het prettigst. Zij gaven les in resp. de vijfde en zesde
klas. Een paar jaar later kwam ik ze allebei weer tegen als docent aan de ULO
(nu ISW). Daar werkte ook dhr. Bruijn als leraar Engels, maar vooral zijn manier
van ter plekke verhalen bedenken en vertellen was onnavolgbaar. De man is veel
te vroeg overleden.
Welk plekje in
Poeldijk is jou het dierbaarst?
Een paar weken geleden hebben we
met alle broers en zussen (ik kom uit een gezin van elf!!) de geboortedag van
mijn vader gevierd (hij zou 100 geworden zijn) in een druivenserre langs de
Gantel, waar duizenden voetstappen van hem liggen. Logisch dat zo’n plek je na
aan het hart ligt. Maar ik kan me ook goed herinneren dat ik met klasgenoot
Gerard Barendse op de kruising van de Verburghlaan en de Jan Barendselaan bijna
dagelijks een dik half uur passerende auto’s stond te tellen. En soms kwamen we
wel tot acht of negen auto’s!! En wat te zeggen van het eind van de Verburghlaan
ter hoogte van de Jan Olierookstraat (of heette die toen nog Sportlaan ?). Daar
was een houten hek vanwaar je over de weilanden uitkeek. Daar voetbalden we
geregeld en de daar woonachtige politieagent Pannebakker heeft ooit mijn voetbal
afgepakt, omdat-ie voor de zoveelste keer in zijn voortuitje belandde. Nooit
meer teruggezien, die bal. Had ik thuis weer wat uit te leggen, want daar waren
we ook altijd in de weer met een bal.
Waar deden jullie de
boodschappen?
Negen van de tien keer gingen we naar Kwintsheul. De Poeldijkse middenstand
heeft verrekte weinig aan ons verdiend, al kwam wel slijter Toussaint op gezette
tijden langs. In Kwintsheul kwam je alleen maar met de fiets en met twee volle
tassen boodschappen bungelend aan het stuur was het niet simpel en ook niet
zonder gevaar. Ik kan me niet herinneren dat het ooit fout gegaan is, maar bij
andere gelegenheden ben ik echt wel een keer of wat het water in gelazerd.
Wie zou je nog wel
eens willen terugzien?
Veel kornuiten van weleer zie ik nog geregeld terug, zeker als je een geregelde
sixties-happening-bezoeker bent. Maar de eerder genoemde Gerard Barendse en Wim
van der Spek en ook Jos Grootscholten van de Vredebest (volgens geruchten nu
woonachtig in Drenthe): waar hangen ze allemaal uit en wat doen ze zoal om de
dag te vullen?
Wie was je idool?
Idolen had ik meer dan genoeg. In mijn jonge jaren hadden wij geen televisie
(die kwam pas binnen toen ik een jaar of 17 was), maar vóór die tijd had ik al
bij de buren, maar ook in Noordwijkerhout kennis gemaakt met dit medium. Bonanza
en Rawhide: ik was er helemaal weg van. Alles wat er van het REM-eiland werd
uitgezonden was illegaal en op een of andere manier dus spannend. Op
muziekgebied had ik nog veel meer idolen: Beatles, Who, Searchers en nog een
heel regiment Engelse groepen. En wat te denken van Adamo en Lucille Starr (‘The
French Song’), die in haar eentje in staat bleek mijn destijds vrij trage
hormonen in beweging te krijgen. Als ik nu een verlepte foto van toen van haar
zie, had ze destijds al mijn oma kunnen zijn. Verder geen kwaad woord.
![]()
Wat
vind je de leukste rubriek op de website?
Zeer regelmatig surf ik naar de site en dan bezoek ik eerst de Fakkel
(alleraardigste ervaringen), naar het Gastenboek (hebben er zich nieuwelingen
gemeld?) en naar de Babbelhoek (waar lopen we ons nu weer collectief druk om te
maken?).
![]()
Wil
je zelf nog iets kwijt?
Werkend aan deze antwoorden, merk ik dat er best behoorlijk veel tijd in de klus
gaat zitten. Het is niet veel vergeleken met jullie dagelijkse, wekelijkse
arbeid. Ik hoop dan ook dat jullie nog lang de veerkracht kunnen opbrengen,
hiermee door te gaan. En ik heb het al eerder gezegd: het blijft een pracht-site
die, buiten de harde kern, veel te weinig reacties oplevert.
![]()
Aan
wie geef je de fakkel door?
Aan Nico Janssen. Onze wegen kruisen elkaar zo af en toe en ik denk dat deze
aankomend aartsvader wel het een en ander te vertellen heeft over zijn en
Poeldijks verleden. Nico, of je er nou op zit te wachten of niet: brandt los!!