Juichen doe je samen.

Allereerst iedereen de beste wensen, beste lezers. Een nieuw jaar, nieuwe gevaren maar ook nieuwe kansen en vergezichten. We kunnen niet zeggen dat er niets te verbeteren valt in de wereld. Dus begin alvast maar je buurman of buurvrouw elke dag weer vriendelijk gedag te zeggen of een oud vrouwtje helpen over te steken, dan hebben we de basis alvast gelegd om samen iets goed aan de wereld te doen.
Een eenling bereikt nooit zo veel in zijn eentje tenzij hij of zij mensen weet te inspireren die mee gaan doen in een positieve opbouwende gedachte. Samen is het belangrijke woord bij alles en dat doet me denken aan het irritante juichen van voetballers wat zich steeds meer in de richting van zelfbevrediging lijkt te ontwikkelen.
Waar enige decennia terug nog een doelpunt gezamenlijk werd gevierd en iedereen naar de doelpuntenmaker rende of de maker van de goal naar de man liep die de laatste mooie voorzet had gegeven, zien we nu de raarste fratsen. Ik heb in de archieven nog eens het juichen van het Nederlands elftal opgezocht in 1974 tijdens het WK in Duitsland. Een Neeskens die loeihard een fantastische penalty scoorde of met een fraaie boogbal de keeper passeerde, die rende niet weg die liep naar zijn kornuiten en samen vierden ze het punt. In het hier onderstaande filmpje kunt u dat nog eens mee beleven.

Klik op de button voor een filmpje



Waar ik eerst verrast was door het nieuwe juichen ben ik me steeds meer gaan ergeren aan de zelfbevlekking die we heden ten dage te zien krijgen na het scoren. Doelpuntenmakers die hun teamgenoten wegduwen of ze proberen te ontwijken als ze omhelst dreigen te worden. Hun goedbedoelende teamgenoten alleen achterlatend als een suffertje die het niet gelukt was de maker van het punt aan te mogen raken. Spelers die alleen op het supportersvak afrennen om al de toejuichingen voor zichzelf op te eisen. Spelers die zich op de borst trommelend, hun shirt uittrekkend of shirt omhooghoudend, sentimentele boodschappen voor het thuisfront willen tonen.
Spelers die met hun handen dat, niet meer originele, hartje vormen en als een Oerang Oetang hun agressieve snufferd tegen een cameralens aandrukken. “Zien jullie mij sufkoppen”, alsof ze boos zijn, verongelijkt, alsof we ze al die tijd dwars hebben gezeten en ze nu hun genoegdoening tonen. Een verkeerde trots vanuit verongelijktheid, daar wil ik niet naar kijken. Met zo’n speler kan ik niet mee juichen, sterker nog die gun ik het ook helemaal niet. De laatste sukkel die voor de goal bij toeval tegen een bal hoeft aan te lopen, welke door vijf medespelers met bloed, zweet en tranen zo ver is gebracht, die gaat al op deze asociale wijze tekeer. Showmannetjes die zich te snel te groot voelen en voor hun eigen kans gaan terwijl een medespeler er beter voor staat.

Klik op de button voor een filmpje

Als ik trainer zou zijn zou dit het eerste zijn wat ik de spelers zou verbieden op straffe van de reserve- bank. Juichen doe je samen. Misschien is het toeval maar bij PSV zie ik dit gedrag bij bijna al die jonge spelertjes. Lefgozertjes die te vroeg de hemel zijn in geprezen en de weelde van de aandacht nog niet kunnen relativeren. Niemand is belangrijker dan het elftal. Zo bouw je aan een teamspirit.
Op YouTube staan die showfilmpjes van het juichen in de categorie “Het mooiste juichen”. Misschien dat het een wedstrijdje tussen die gastjes is om op YouTube te komen met hun fratsen en zodoende opgenomen te worden op de ranglijst van “Het mooiste juichen”. Alles voor de bijzaken en de blingbling, de kop indrukken die onzin.

Klik op de button voor een filmpje

Binnenkort beginnen ze weer na de wintersport. Ik sta regelmatig bij ADO, met mijn niet aflatende optimisme, mijn best te doen de hoop nog levend te houden dat we ‘erin’ kunnen blijven. Spelers die hun mouwen opstropen en op cruciale momenten toch telkens weer met vereende krachten een reuzendoder kunnen zijn. Daar hou ik van, dan mogen ze van mij regelmatig verliezen en dat verliezen dan we dan ook samen, zo zijn we dan ook weer bij ADO. U ziet ik heb me al aardig los gezongen van Verburgh, of Verburch, die spelling blijft ook toch steeds nog maar onduidelijk. Enfin, ’t is wel weer welletjes zo,

Een goed jaar voor iedereen.