Ingezonden column

Gelezen in het boekje “Samen sterk voor de Bartholomeuskerk uit”1991
(Velen zullen het gelezen hebben maar ik denk ook velen niet)

 

Een stukje uit : “Tot zekere intentie” een bundeltje van een parochiaan.

Reeds enkele dagen na de catechismusles van de pastoor vertelde de meester in de klas dat er weer ooft uit de tuin van de pastoor was gestolen en dat hij strenge maatregelen tegen deze heidenen in petto had. Wij knikten medelevend, zijn verontwaardiging begrijpend, en tijdens het speelkwartierbesloten wij om in de middag even polshoogte te gaan nemen om aan de weet te komen of er voor ons nog wat overgebleven was. Zo wandelde wij dus, onopvallend doende, die middag het pad naast het Josefhuis, dat in de richting van het achterste gedeelte van de tuin liep af. Gingen bedaard in het gras zitten en keken voorzichtig door het struikgewas heen. En wat zagen we daar ? ….Appels ?... Ja natuurlijk. Hele mooie zelfs maar op de stam zat een wil kartonnen bordje geprikt met de tekst. “God ziet U”. En daar hadden wij helden op dat moment niet van terug. Min of meer verslagen liepen wij zwijgend het pad weer terug. Louietje , vol sproeten en weerbarstig rossig haar was deze “knock out” het eerst te boven. Hij betoogde dat appels en peren voor alle mensen groeiden. Dikke Herman was van mening dat appels geen geld was en aangezien de Heer alles deed groeien en niet de pastoor had die er feitelijk niets over te zeggen. Lange Henk betoogde dat Onze Lieve Heer geen namen op de appels geschreven had en dat ze dus moesten zijn voor degenen die het eerst kwamen en dat konden wij best zijn. Toch bleven wij aarzelen,maar mijn opmerking dat God ons toch nooit verraden had en het daarom niet fout kon zijn, deed de deur dicht. In nog geen vijf minuten waren wij het eens geworden. ’s Avonds na schooltijd slopen wij er heen en wij laadden onze zakken flink vol. Ik kon niet nalaten om pesterig met grote hanenpoten op het witte bordje onder “God ziet U” te schijven : Ja, maar hij zal ons niet verraden

Met toestemming van Mevrouw Grimbergen