Op een oudejaarsdag ging ik met Jan Hersbach een eindje fietsen. Naar Kijkduin en over strand naar Ter Heijde terug. Dat liep faliekant in het honderd. Halverwege zijnde kwam het water snel hoger. We moesten door het losse zand lopen. Het water kwam steeds hoger (een springvloed).Op een gegeven moment konden we niet verder. Voor en achter ons stond het water tot aan de afrastering van de duinen. De fietsen over de afrastering en daarna moesten we nog door en door nat, tegen stijl afgeslagen duinen op klimmen, wat na veel moeite lukte. Een bar hachelijk avontuur!!

Mijn eerste nieuwe fiets
14 december1951. Mijn diensttijd zit er op. Wat nu? Midden in de winter. Geen werk. Wilde niet meer naar Albert Hein terug. Kan ik hier een poosje blijven vroeg ik aan de sergeant Kok? Die had er wel oren naar. Hij had nog geen nieuwe koks. Er zwaaide er drie af. De nieuwe lichting kwam pas half januari. Misschien kan je hier wel als burger kok komen werken zei hij. Na een maand kwam de uitslag. “Nee “ De kampcommandant kon niet verantwoorden dat ik daar nog rondliep, was ook onverzekerd tegen ziekte kosten. Dus weg wezen. Melde mij bij het arbeidsbureau. Je moet naar je oude baas werd gezegd. Die moet je terug nemen. Ik had daar geen zin in. Je krijgt dan ook geen uitkering. Daar zat ik. Geen geld voor thuis. Die hadden wat meer inkomsten nodig. Had geen kleren of schoenen meer. Die had broer Piet afgedragen. Piet was inmiddels ook in militaire dienst. Van hem waren ook geen inkomsten meer. Later moest ook broer Sjaak In dienst. Zelfs uitgezonden naar Nieuw Guinea. Thuis is wel een offer gebracht, drie jongens in dienst.
Dus solliciteren. De melkfabrieken in de buurt, Naaldwijk Delfland, Loosduinen De Sierkan, Den Haag Leerdam en van Grieken. Overal nee, misschien in het voorjaar of zomer zeiden ze. Dan maar proberen bij de laboratoria van de ( ik had toch wat geleerd in de scheikunde) Delftse Calvé en Gist en Spiritus fabrieken. Nop. Zelfs met een getuigschrift en aanbeveling van de kampcommandant, het mocht niet baten. Ik wilde toch wel aan het werk. Ik ging maar eens een kijkje nemen bij Piet van Vliet. Die zei: 'Als ik een wagon kolen moet lossen kom me dan maar helpen.' Dat was helemaal niets. Ik had nou niet bepaald werkgoed en één paar schoenen. Misschien twee stel ondergoed en een overal. De kleren van voor de diensttijd had Piet afgedragen. Het was heel zwaar werk, dat was ik niet meer gewend. Stop met dat werk en koop een paar klompen, zei mijn Moeder. Ik ben toen bij Martien Zwinkels( M.A.G) aan de Middelbroekweg gaan spitten. We doen het samen zei hij en rustig aan, we kunnen dan ook wat praten. We hadden het over de arbeidersbeweging. Over de Pauselijke Encycliek Rerum Novarum en Quadragesima Anno. (Ik was op de Credo pungo club van de K.A.B. Die werd daar door de geestelijk adviseur Rector Westdijk geleid.) Richtlijnen voor de verhoudingen tussen kapitaal en arbeid. Martien heeft deze ook van mij gelezen. Hij zei tegen mij; Ik wil me daar in verdiepen. Ik wil in het bestuur van de veiling ,ook in het L.T.B bestuur en in de Provinciale Staten. Er moet nog veel veranderen. Hij werd later wethouder voor de K.V.P. in de gemeente Naaldwijk, of hij ooit de Provinciale Staten gehaald heeft weet ik niet. Hij zei ook: Ik zal je meteen verzekeren en opgeven voor het pensioensfonds en de ongevallen wet (rente kaart). Maar goed ook want na een paar weken kreeg ik de kar in de pols en kon niet meer werken. De dokter adviseerde een paar weken de arm in een mitella te doen. Steeds, als ik Zwinkels later tegen kwam maakte hij een praatje. In die weken kreeg ik bericht dat ik bij van Grieken aan het werk kon. Dat ging niet direct met mijn pols. Hij was nog niet genezen. Op 27 februari 1952 werd ik aangesteld als 2e Melkontvanger. Heel zwaar werk. 's Morgens na wat schoonmaakwerkzaamheden moest je de boel in gereedheid brengen voor de ontvangst van melk. Vanaf half april werd ook 's avonds melk aangevoerd. Die werd aangevoerd in bussen van 40 liter. Je moest ze legen in een bascule. Van iedere boer werd de melk dan gewogen en een monster genomen. Daarna trok je de klep open en stroomde de melk in een vijf duizend liter bak waarna de melk, gepasteuriseerd en gestandaardiseerd ( op een bepaald vetgehalte gebracht) werd. Gedeeltelijk ook gecentrifugeerd ( afgeroomd) Men werkte in ploegendienst. Ochtenddienst van vijf tot twee en avonddienst van twee. tot het werk klaar was. Officieel tot tien uur maar het werd soms wel één uur in de nacht . Altijd op de fiets door weer en wind naar de Loosduinsweg hoek Beeklaan. Omdat ik tweede man was moest ik steeds invallen in andere diensten. Zij namen altijd vrij op zaterdag of op maandagochtend je moest dan des nachts om twaalf uur beginnen.
Ik wilde wel een wat beter baantje. Die waren er niet. Ik ben toch nog de cursus Centrifugist gaan volgen, als aanvulling op de cursussen die ik al gedaan had. Het examen eist twee jaar praktijk. Dat was geen punt van Grieken gaf mij een verklaring dat ik daar twee jaar praktijk had. Voor het examen geslaagd.
Op zondag 1 februari 1953 had ik vroege dienst om vijf uur beginnen. Het stormde verschrikkelijk. De Dag van de “De Stormramp”. Tegen negen uur kwam Sipke de Jong, dirigent van Deo Sacrum vragen of hij zijn scooter mocht stallen hij durfde niet verder. Hij vertelde dat volgens de berichten overstromingen waren. In de loop van de dag kwamen er steeds meer alarmerende berichten binnen. 's Middags op de Veilingbrug marcheerde de Nationale reserve met Flip Heppe en Mens de loodgieter aan het hoofd op naar 's Gravenzande daar de duinen op doorbreken stonden. We spotten er een beetje mee. Gerard Brabander riep nog; Hé Mens stop het lek. Doelende op dat hij loodgieter was. We hadden nog geen benul van de omvang van de catastrofale ramp die zich over Zuid-Holland, Brabant en Zeeland voltrok. We hoorde het ware pas dagen later.
Bij van Grieken merkten we het maandag. De melkrijders uit Schipluiden brachten veel meer melk. De boeren daar, hadden koeien opgenomen die uit die gebieden waren geëvacueerd. De omvang van de ramp werd met de dag duidelijker. Er zijn ruim 1800 mensen verdronken
Er kwamen allerlei acties op gang. Een radio inzamelingsactie “Beurzen open Dijken dicht” bracht ruim 5 miljoen op. ( veel voor die tijd) geleid door Johan Bodegraven. Er was in Frankrijk een voetbalwedstrijd tussen de in het buitenland spelende Nederlandse prof voetballers en een Frans elftal. Er werd kleding en huisraad ingezameld. Rijkswaterstaat ging met man en macht aan het werk om de dijkgaten te dichten. Begin november werd het laatste gat bij Ouwerkerk met Caissons gedicht. Bert Haansta heeft er een mooi filmverslag van gemaakt. Er werd zoveel kleding ingezameld, dat later de overschotten aan andere mensen werd verdeeld. In Poeldijk was dat in handen van Mevrouw Schildmeijer.
In 1955 werd de Delta wet aangenomen. Er werd een begin gemaakt met de beveiliging van de kusten van Zeeland en Zuid- Holland.
Begin oktober 1953 vroeg iemand mij; Zou je bij de Melkinrichting “Bouwlust”in Loosduinen willen werken?Daar had ik wel oren naar. Toekomst voor een beter baantje zag ik bij van Grieken niet zitten ( er liepen er meer op te wachten en nu kreeg ik allen maar inval baantjes en dat waren niet de leukste en altijd onmogelijke tijden) De directeur zij dat moet je niet doen. Ik denk dat hij mij niet kwijt wilde. Toch maar gedaan. Eerst een paar dagen meegelopen bij Bouwlust (zonder loon) maar wist wel wat me te wachten stond. Mijn ontslag gevraagd bij van Grieken en kon met 14 dagen vertrekken. Vakantie en overuren zouden woorden uitbetaald. Na een paar dagen kwam van Bockhoven de eigenaar van “Bouwlust” of ik direct wilde komen. Hun eerste man had met een collega gevochten en was op staande voet ontslagen.

Bij van Grieken vonden ze het goed. Dus 19 oktober begonnen. Een verschrikkelijke drukke baan. Maar precies naar mijn hand. Het was een kleinere fabriek. Alles wat ik geleerd had kon daar in praktijk worden gebracht. Deed alles en tegelijk. Melk ontvangst , Centrifugist, Botermaker ( voor Karnemelk) en laboratorium werk. Al heel gauw plannen en aanvullingsmelk bestellen. Was dus de man. Een beter salaris en overuren uitbetaalt. En het mooie was om half acht beginnen. Avonds kon het wel eens erg laat woorden. Soms zat ik uren te wachten. Op zondag behoefde ik maar weinig te werken. Er werd wel melk aangevoerd. Als ik zaterdag avond alles klaar maakte, pompte van Bockhoven de aan gevoerde melk gekoeld, in een tank. Verwerkte dan de melk maandags verder.
Papieren controleren van een tankwagen met aanvullingsmelk

Bottelarij; Achterin de flessenspoelmachine. Links vulmachine.Vooraan; de hoge drukketel voor steriliseren (140 graden)
Andere foto,s zijn door de kinderen gebruikt voor werkstukjes op school en heb ze niet meer terug gezien.
Voor het W.K Voetbal 1954 mocht ik bij van Bockhoven TV komen kijken, de finale werd uitgezonden. De wedstrijd Duitsland – Hongarije. Zij hadden pas een TV gekocht een hele grote bak met een klein schermpje. Maar het was er een. Ook dacht ik de eerste buitenlandse -uit Zwitserland- uitzending.
In dat jaar vierde mijn ouders hun 25 jarig huwelijksfeest. Het ging thuis financieel wat beter dus kon er een feestje af. We vierde het in het zaaltje bij de Protestantse school aan de Monsterseweg.

25 jarig huwelijk vader en moeder
Boven v.l.n.r. Lida, Moeder, Vader, Ton, Annie, Piet, Sjaak,.Jan, Wil, Riet, Bep, Plonie . Ben en de jongste Nico
Foto aan de Monsterseweg tegenover de school. De trambaan lag er nog.
In 1954 werd ik bevriend met Arie (Aad) Heskes. Een echte maat. Hij voetbalde bij Verburch. Ik ging naar alle wedstrijden met hem mee, uit en thuis. Arie was een heel goede speler. Een heel nette speler. Eens won hij een beker voor de netste speler van de Haagse Bond. Veelal was hij aanvoerder. Werd veel opgesteld in het Haagse Bonds elftal. We gingen zondags naar de bioscoop in Naaldwijk. 's Avonds kaarten we veel bij zijn zus Greet. Een schat van een vrouw. Getrouwd met Arnold Droog. Zij hadden een paar jonge kinderen. Zij waren altijd thuis en vonden het fijn als wij kwamen. Eerst wat praten. Zo pratend gaf hij mij een advertentie uit de K.R.O. gids van de boekhandel Nelissen. Je kon boeken kopen op afbetaling. Ik kocht daar mijn eerste boek over de tweede wereldoorlog. In de loop der jaren zouden het er dik drie honderd worden. Ik wilde er steeds meer over weten. Het heeft altijd mijn grote belangstelling gehad. Het leven had zo zijn gang. Arie had ineens verkering in Honselersdijk. Ik was alleen.

Op zaterdag ging ik als zo velen tabak kopen bij Jan Heskes ( Hij had de zaak van Klaverkamp overgenomen) Je kon bij hem ook telefoneren. Hij had daarom en teller op de telefoon je moest dan per tik betalen. Daar bleef men dan een poosje hangen en besprak de voetbalwedstrijd van” Verburch” van de afgelopen zondag en werden de kansen voor de komende zondag besproken. Bij Jan Heskes kon je je ook opgeven als met de bussen mee wilde naar de uitwedstrijden. Ging bijna altijd mee.
Donderdagsmiddags had ik altijd vrij. In de zomer een eindje fietsen. In de winter naar Den Haag. Naar de bioscoop (opera of oorlogsfilms) of naar V & D een boek kopen, bezoek aan het Mauritshuis of een ander Musea. Op een keer kocht ik een piano. Ik wilde allang piano leren spelen. Thuis overlegd waar hij staan kon. Hij kon net in een nis staan. Het studeren was wel een probleem. We waren immers met z’n veertienen. Ging op les bij Piet Philippa een aangetrouwde neef.
Elke dinsdagavond ging ik naar Monster. Kom je een beetje vroeg dan kunnen we ook wat praten zei hij altijd. Ja meest een paar uur. Hij werkte bij de gemeente daar gebeurde ook wel wat. Om elf uur moesten we even gauw de les doornemen. Maar ala hij was niet duur. Hij was ook organist in de kerk van Monster. Ik heb ruim vier jaar les gehad. Klassiek. Het valt als je ouder bent niet mee om te leren piano te spelen. Als kind leer je het spelenderwijs.. Er gebeurde in die periode ook veel. De Suez kwestie. De Hongaarse opstand. Het was even spannend in de wereld. Zou er een derde wereld oorlog komen. Wat konden we doen? De Kerk zat op die zondagavond in november stamp vol. We gingen bidden. Later kwamen er ook vluchtelingen naar Nederland.
8 december mijn verjaardag. Moeder had wat mensen uitgenodigd ook zus Annie haar vriendin van de gym. Ze kwam haar altijd halen om naar de gym te gaan. Ik kende ze al langer in gym kleren, lange broek met een rok er over. Toen ze daar zo in huis zat in haar mooie kleren, dacht ik, go, dat ziet er leuk uit. Tante Bep zat naast mij en zei; Wat zit je te kijken. Leuke griet hé. Op slag verliefd .. op Nettie Bakker.
We hebben een afspraakje voor de bioscoop gemaakt. Een paar dagen later kwam ze mij vragen om als vierde man te komen kaarten bij hun thuis. Zo, dacht ik, mijn kostje is gekocht. Al ging het niet meeteen van een leiendakje. Er waren meerdere kapers op de kust .Zelf had ze ook een paar vrienden waar ze een beetje verkikkerd op was. Zij was 20 en ik 25 jaar oud. Maar ik heb de strijd gewonnen. Kreeg er een lieve vrouw aan en een fijne moeder voor de kinderen. Ze was er altijd.

Rondvaart Amsterdam 1956 1955 In de gangen van de St Pietersberg Maastricht

“Kroonven” in de bossen rond Reusel (N-B)
De winter van 1956/57 werd een koude winter. Hij begon laat. Begin februari. Ik dacht van de derde. In de morgen regende het. Na de middag ging het vriezen hard waaien een sneeuwen. In de melkfabriek had ik lang zitten wachten op de aanvullingsmelk die uit Winterswijk /Aalten moest komen. De chauffeur had onderweg veel problemen met het weer en de weg.Hij was om 11 uur uit Aalten vertrokken en kwam rond 19 uur in Loosduinen aan. Tegen 22 uur was ik klaar met het werk. Onder weg naar huis ook veel last van opgewaaide sneeuw. Er was niemand meer op straat. Onderweg soms lopend dan weer een eindje op de fiets haalde ik net voor villa “Groennoord” drie jongens van z’n twaalf dertien jaar in. Ze liepen op de weg. Ga niet op de weg lopen riep in naar hun. Hoe ver is het nog naar Vlaardingen riepen ze terug. Krijg nou wat jullie belazeren me en fietste door. Een klein eindje verder dacht ik stel je voor dat ze naar Vlaardingen moeten. Ik terug. Moeten jullie echt naar Vlaardingen? Vroeg ik. Ja, meneer zeiden ze. Ze waren niet gekleed tegen zulk koud weer en helemaal verkleumd. We zijn uit Vlaardingen met een visserslogger mee gevaren van Vlaardingen over zee naar Scheveningen en gaan nu naar huis. Ze hadden al van uit Scheveningen gelopen en proberen te liften. Gevraagd waar ze in Vlaardingen woonden. Ik kende daar wel wat straten en dat klopte. Jongens ga naar het politie bureau raden ik ze aan .Toen we daar zo stonden kwam in de verte de W.S.M bus langzaam aanrijden. Jongens ik hou de bus wel aan. We hebben geen geld zeiden ze. De bus stopte en vroeg aan de chauffeur of hij ze ( Ik kende hem) zonder te betalen mee wou nemen. Nee, dat kan hij niet doen. Schiet jij het even voor zei hij. Tijd om na te denken was er niet want hij wou voor het slechte weer wel door rijden. Ik kocht drie kaartjes naar Vaardingen en schreef op sigaretten doosje mijn adres en zei dat ze het verhaal maar thuis moesten verlellen. Van één moeder heb ik een hartelijk dankbriefje kregen. Van de andere niets meer gehoord. Half februari is de Elfsteden tocht gereden er werd geen winnaar aangewezen omdat men een afspraak gemaakt had met vijf man tegelijk over de finish te rijden
.