Hoofdstuk XVIIII

 

Van een gemeenteschool naar R.K. onderwijs voor jongens.

 

In het midden van de 19 de eeuw was er in Poeldijk aan de Voorstraat een gemeenteschool. Een school voor jongens en meisjes, van één lokaal groot. Johannes Evers was de enige onderwijzer. Schoolverzuim was in die dagen heel gewoon. Het werk in de tuin had immers voorrang. De financiële toestand van die eeuw was slecht, vooral in de arbeidsgezinnen. Wanneer de kinderen wat extra’s konden verdienen kreeg dat werk voorrang. Dat alle leerlingen op school waren was zeldzaam. Toch begon het besef langzamerhand door te dringen dat lezen en schrijven onontbeerlijke dingen waren. Eerst werden die kinderen naar school gezonden, van wie men redelijkerwijs kon verwachten, dat zij later een zelfstandige positie in de maatschappij zouden kunnen innemen. Later is het schoolgaan algemeen en aanvaard.
Naast de gemeenteschool stond in 1852 een oud huis voor Johannes Evers, hoofd van de school. Hij was een algemeen geëerd man en stond de inwoners van Poeldijk met raad en daad bij. Al was hij verbonden aan de gemeenteschool, hij was katholiek en heeft veel voor de jeugd gedaan. Deze functie heeft hij gedurende 38 jaar uitgeoefend, tot 1890. De lei en griffel zijn attributen geweest die destijds op school veelvuldig als schrijfmateriaal werden gebruikt.
Zijn opvolger was Willem van Houten afkomstig uit Rotterdam. Hij was een zeer goede, maar strenge onderwijzer. Vele mensen denken dankbaar terug aan de tijd dat hij in Poeldijk les gaf. Hij was buiten zijn schooltaak lange tijd de secretaris-penningmeester van de Dijkpolder en kassier van de Boerenleenbank. In 1917 is van Houten op 70 jarige leeftijd uit Poeldijk vertrokken.
In 1890 werden de schoolkinderen tijdelijk ondergebracht in de schuur van Krijn Dukker, waar werd lesgegeven. De oude school werd afgebroken en een nieuwe gemeenteschool, met drie leslokalen werd gebouwd. Dit gebouw werd later bekend als het politiebureau in de Voorstraat.
In die tijd was als ondermeester aan de school verbonden de heer Martinus Sengers. Hij was afkomstig uit Den Briel, was amicaal en had veel vrienden. Hij deed aan politiek en was lange tijd regisseur van de toneelclub St. Genesius. Hij nam als onderwijzer ontslag en werd betaalmeester bij de Fruit- en Groenteveiling Poeldijk. Tot zijn 70ste jaar is Sengers betaalmeester gebleven. Hij is zeer oud geworden en in Zeist overleden. Na het vertrek van de heer Van Houten heeft de heer Schreuder nog enige jaren als hoofdonderwijzer gefungeerd.
In 1917 kwam de Pacificatiewet tot stand. Deze wet hield in dat alle scholen in de bekostiging door de Rijksoverheid gelijk werden gesteld. Deze gelijkstelling kreeg haar uitwerking in de Lager Onderwijswet van 1920. Het waren de Nederlandse bisschoppen die in 1920 het initiatief namen tot oprichting van het Rooms Katholiek Centraal Bureau voor Onderwijs en Opvoeding.
Dit was de gelegenheid voor het kerkbestuur van de H. Bartholomeusparochie om in 1921 een RK lagere school, genoemd de Sint Bartholomeusschool. voor jongens te stichten aan de Verburghlaan. De plaatselijke aannemer Jan van Rijn bouwde de school voor de prijs van f. 157.840, -. Het timmerwerk werd uitgevoerd door de in Poeldijk bekende timmerman Gerard Toussaint, eigenaar van het bekende café van oudsher ‘Het Witte Paard’ aan de Voorstraat. Als hij in de bouw werkte, nam zijn vrouw de honneurs in het café waar. Twee Poeldijkse opperlieden in dienst van Jan van Rijn hebben bijna iedere steen in hun handen gehad. Dit waren de bekende Bert Greeve en Dolf Meijer.
De leerlingen van de hoogste klassen mochten de lessen aan de gemeenteschool ter plekke afmaken, in tegenstelling tot de overige leerlingen. Deze dienden, zodra de nieuwe school gebruiksklaar was, te verhuizen. Dit hield in dat het gemeenteonderwijs, voor wat Poeldijk betreft, in 1923 ten dode opgeschreven was. Ondanks dat de onderwijzer Willem Schreuder van de gemeenteschool de geschiktste man was om hoofdonderwijzer aan de nieuwe school te worden, werd zijn sollicitatie genegeerd omdat hij zijn hoofdakte niet had behaald aan een katholieke kweekschool.

  H. van Velzen geboren 26-2-1891 Overleden 6-8- 1971 098 099


Op vijftien september 1921 werd de heer H. van Velzen, geboren 26 februari 1891 in Den Haag, benoemd tot hoofdonderwijzer van de nieuwe Bartholomeus jongensschool. Hij was voor Poeldijk een aristocraat, groot, respecterend en fijn beschaafd, met grijze haren. Fluisterend noemde zijn leerlingen hem ‘Grijze Hein’. Van Velzen heeft zich naast zijn schoolwerk enorm ingespannen voor kerk en samenleving. Op twee december 1921 werd de school ingezegend door deken Gerardus Buijsman. Ook burgemeester G. Sutorius, die klaarstond zijn ambtsketen van Monster voor die van Teteringen te verwisselen, was aanwezig. Toen de school tien jaar draaide kwam er verandering in de leiding. Dankzij een nieuwe schoolwet werd het mogelijk de school te splitsen in een A-en een B-zijde. Meester van Velzen werd hoofd van de A-zijde, waar de wat knappere leerlingen zaten. Op de B-zijde waar meester de Graaf hoofd werd, werd meer aangestuurd op werken met de hand. Bijna elk jaar wisselden er leerlingen van de A naar de B-zijde, afhankelijk van de behaalde resultaten.
Een onderwijzer die zijn sporen diep heeft achtergelaten in deze school is wel meester Henk de Graaf; een onderwijzer van het eerste uur. Hij heeft veel indruk op zijn leerlingen gemaakt vanwege zijn spontane manier van les geven. Hij wond met zijn vele beeldende verhalen zijn leerlingen om de vinger. Gedurende 42 jaar heeft hij vele Poeldijkse jongens onderwezen. Hij is op 86-jarige leeftijd overleden. Tijdens de begrafenis van deze zo gewaardeerde onderwijzer kon men zien hoe vergankelijk het leven is. Bij zijn begrafenis was er nauwelijks belangstelling van zijn oud-leerlingen.
Meester van Velzen is 35 jaar lang hoofdonderwijzer geweest en is op zes augustus 1971 overleden. J. Verschoor, was sinds 1942 onderwijzer in Poeldijk en afkomstig uit het Zeeuwse Groede. Hij werd in 1956 hoofdonderwijzer. Een vriendelijke en ongedwongen onderwijzer die naast zijn dagelijks werk zich verdienstelijk heeft gemaakt als zanger, muziekleraar en dirigent bij het kerkkoor ‘Deo Sacrum’.
Na het overlijden van meester Verschoor werd in 1972 onderwijzer P.J. Bom hoofdonderwijzer. In 1988 moest hij stoppen wegens ziekte. Op de eerste augustus 1975 kwam Peter Zuidgeest als onderwijzer de school versterken. Van 1988 tot 1999 is hij hoofd van de school geweest. Sjaak Pex uit Nootdorp zwaait er vanaf 1 december 1999 de scepter.

We gaan even terug naar de jaren zestig van de twintigste eeuw. In die jaren kwamen er grote veranderingen in de schoolstructuur. Het kerkbestuur had 40 jaar lang de scholen in Poeldijk bestuurd. In 1964 kreeg ieder school een eigen bestuur. Voor de jongensschool werd dit de Stichting Bartholomeus school voor gewoon lager onderwijs. Voor kinderen die moeilijk het lestempo bij konden houden werd een aparte school aan de Rijsenburgerweg gebouwd. Dit werd een school waar kinderen individueel aangepast onderwijs krijgen. Deze school draagt de naam ‘Gantelhof ‘ en werd tot 1997 beheerd door de stichting Katholiek Primair Onderwijs Westland. Daarna door de Stichting Katholiek Bijzonder Onderwijs.
Het gebouw van de meisjesschool aan de Voorstraat was in de jaren vijftig uitgeleefd. Er werd in 1959 een school aan de Nieuweweg gebouwd bestemd voor het R.K. lager onderwijs voor meisjes: de Mariaschool. Ook voor de afgekeurde bewaarschool aan de Voorstraat kwam er een nieuw gebouw langs de Dr. Weitjenslaan.
Kregen vanaf 1875 de meisjes en de jongens afzonderlijk onderwijs, in 1967 vond het schoolbestuur het samengaan van meisjes en jongens onder een dak verantwoord. In 1985 zijn de namen van de scholen veranderd in ‘De Nieuwe Weg’ en ‘Verburch -hof’. In dat jaar is namelijk de basisschool opgericht. De oude kleuterschool en de oude lagere school zijn toen gefuseerd
In het begin van de jaren tachtig begon de schoen weer in het lager onderwijs te wringen. Door integratie en ontkerkelijking ontstond er vraag naar openbaar onderwijs in Poeldijk. Het meisjeshuishoudonderwijs aan de Verburghlaan was niet meer van deze tijd en het schoolgebouw kreeg een nieuwe bestemming: Openbaar Lager Onderwijs en Katholiek Middelbaar Beroeps Onderwijs. Deze school ging de naam ‘De Noordenhoek” dragen. Dit gebouw voldeed in 1990 niet meer aan de moderne eisen en werd afgebroken. Er werden op die plaats woningen gebouwd. Het openbaar onderwijs verhuisde naar de Dr. Weitjenslaan: naar de voormalige bewaarschool waar het de naam draagt ’Het Palet’.
Dit is in het kort de geschiedenis van het Poeldijks lager onderwijs. Het is begonnen in het begin van de 19e eeuw als een openbare school met één lokaal, één onderwijzer en lei en griffel aan de Voorstaat. Nu, aan het einde van de 20e eeuw is het uitgegroeid naar een verscheidenheid van scholen voor basisonderwijs waar de computer een grote plaats inneemt. Hierbij durven we te stellen; “tegen de warmte van een docent kan geen computer op”.
In het jaar 2000 wekt het nauwelijks verbazing dat er in de gemeente instanties wordt gedacht en gesproken over ‘De Brede School’. Nieuwbouw van meerdere (of alle) basisscholen en kinderopvang in Poeldijk op een en dezelfde locatie. Een samenwerkingsverband tussen onderwijs, voor- en naschoolse voorzieningen en instanties voor ouders en jonge kinderen. Gelukkig is men het erover eens dat de kwaliteit van het onderwijs moet worden gewaarborgd. Voor iedere school moet er ruimte blijven voor de eigen identiteit, de eigen visie en keuze voor ouders.
De gedachten gaan uit naar een klaverblad met centraal de overige voorzieningen. Genoemd worden een bibliotheek, een peuterspeelzaal, een kinderopvang van 0 tot 4 jaar. Ook buitenschoolse opvang zoals de (school)logopedist, een speltherapeut en fysiotherapeut en een (school)maatschappelijk werker(ster).
Anno 2000 moeten we over deze toekomstige wijze van school zijn positief denken. Toch moeten we ons afvragen of de kinderen bij zo’n grootschaligheid niet tussen wal en schip terechtkomen.


R.K. Jongens en Meisjes land- en tuinbouwschool

Tot 1925 was het zo, dat een kweker met een minimale kennis over zijn vak aan de slag ging. Doen wat zijn voorvaderen ook al zoveel jaar deden. Voor leren was geen tijd. Het tuinbouwonderwijs - zo het er al was – stond op een laag pitje. Men bekwaamde zich wel met het volgen van avondcursussen. Velen vonden dat ook genoeg. Er moest gewerkt worden.
Rond 1925 was de ontwikkeling in de tuinbouw dusdanig dat men ging inzien dat een toekomstige tuinder scholing nodig had om een bedrijf goed te kunnen runnen.
Een R.K.dagtuinbouwschool waar algemene ontwikkeling voorop stonden, waar de toekomstige tuinder werd opgeleid om ook bestuursfuncties te kunnen vervullen was er niet.
Elke tuinbouwstreek wilde wel zo’n RK tuinbouwschool. Er ontstond op het hoofdkantoor van de LTB in het bisdom Haarlem dan ook een kleine schoolstrijd. Het bisdom Haarlem kreeg in 1926 een toekenning van het rijk om zo’n school te bouwen. Maar waar? Vanuit het hele bisdom kwamen aanvragen binnen, maar uiteindelijk werd er gekozen voor zo’n school in het centrum van de tuinbouw het Westland, in Poeldijk. Aan de Dokter Weitjenslaan werd in 1928 zo’n school gebouwd. M. de Backer was de eerste tuinbouwschoolonderwijzer in Poeldijk. Om tot de school te worden toegelaten moest men de gewone lagere school doorlopen hebben. Het eerste jaar gingen de leerlingen twee dagen per week naar school, van eind juli tot half juni, met dien verstande dat de gehele maand oktober geen les gegeven werd (oktober was vroeger de oogstmaand in de land- en tuinbouw).
 


Leerlingen van de eerste klas poseren in 1946 voor de R.K. Tuinbouwschool aan de dokter Weitjenslaan in Poeldijk. Jongens van 15 jaar keurig in pak, met in hun midden meester Smit, de latere hoofdonderwijzer van de Wateringse tuinbouwschool. 1



Ook in de tweede klas moesten ze veertig weken naar school, één dag per week. Het derde en vierde leerjaar liep van 1 november tot 15 juni (dertig weken). De leerlingen hadden maar één dag les per week, waarbij een half uur facultatief godsdienst en maatschappijleer gegeven werd door een Poeldijkse kapelaan. Bij de school was een praktijktuin, met een kas waarin druiven, perziken en pruimen stonden. Ook was er platglas en open land. Dit werd de proeftuin genoemd waar praktijklessen werden gegeven.
Door het groeiend aantal leerlingen werd de Poeldijkse tuinbouwschool te klein. Al gauw bleek het toch noodzakelijk om in Wateringen een eigen zelfstandige school op te richten. Later is de school met omringende scholen in het Westland gefuseerd. De Poeldijkse tuinbouwschool werd voorgoed gesloten en verkocht voor huizenbouw.
Ook voor de meisjes die de lagere school verlieten kwam er in Poeldijk, een RK landbouwhuishoudschool. Een school met als doel meisjes op te leiden om later als een ontwikkelde tuindersvrouw door het leven te kunnen te gaan. Er was in 1938 zoveel belangstelling voor deze Poeldijkse landbouwhuishoudschool, dat er aan de Julianastraat een mooi schoolgebouw kon worden gebouwd. Vanuit deze school werd door de LTB de coördinatie van talrijke landbouwhuishoudcursussen georganiseerd tot in de verre omtrek. Na de Tweede Wereldoorlog werd deze meisjesschool te klein en is er aan de Verburghlaan een grote en moderne huishoudschool door de L.T.B. gebouwd. Vele Poeldijkse meisjes die niet door wilden leren, (of waarvan de ouders het nut daarvan niet inzagen) konden daar hun algemene ontwikkeling opdoen. Met het verstrijken van de tijd was dit onderwijs niet meer van toepassing. De meisjes volgden liever het voortgezet onderwijs aan de Mulo later de Mavo school. De meisjeshuishoudschool heeft nog jaren dienst gedaan voor het Kort-Middelbaar-Beroeps-Onderwijs K.M.B.O. In 1995 heeft de school het veld moeten ruimen voor huizenbouw.


R.K. Mulo-Mavoschool

Rond 1950, toen de trein van ontwikkeling door het land raasde werd er direct gestart met een Mulo school in Poeldijk. Meer Uitgebreid Lager Onderwijs. Dit gebeurde in het voormalige politiebureau aan de Voorstraat. Op de plaats waar rond 1850 het openbaar onderwijs van start ging. De interesse bij de jeugd was zo groot dat al spoedig werd overgegaan tot de bouw van een nieuwe Muloschool, later Mavo- school geheten, aan de Irenestraat. Meester H. van der Poel kreeg daar de leiding. Deze school is door fusie later opgegaan in de Interconfessionele Scholengemeenschap Het Westland. Het politiebureau, een historisch gebouw, waar het onderwijs in Poeldijk zijn wortels had, is ten prooi gevallen aan de modernisering van de Voorstraat.


Een protestants christelijke school

De bevolking van Poeldijk was rond 1900 rooms-katholiek, op twee protestantse gezinnen na. Dat waren Jan de Bruin, een koopman in groenten en fruit en Willem Valstar, een tuinder aan de Vredebestlaan. Door de groei van de tuinbouw kwamen er langzaam meer protestantse inwoners in Poeldijk. De ouders van de protestantse kinderen konden voor onderwijs niet terecht in hun dorp. Ze moesten hun kroost sturen naar de openbare school, op de hoek van de Voorstraat en de Vaart. Ook konden ze naar de meisjesschool, bestuurd door de Zusters van een Congregatie uit Oudenbosch.
Openbaar of katholiek onderwijs was aan protestantse kinderen natuurlijk niet besteed. Protestantse kinderen weken uit naar andere dorpen. Ze moesten dagelijks naar de christelijke school aan de Rijnweg in Monster. Of naar de christelijke school in Honselersdijk, die daar in 1909 was opgericht. Een hele onderneming moet dat zijn geweest voor de leerlingen om door weer en wind over slechte wegen naar school te gaan.
Komt tijd komt raad. Op een zondag in 1914, liepen tussen windvlagen en regenbuien op de weg van Monster naar Poeldijk Jac. de Zeeuw, Jan Vellekoop en Jan de Bruin. Ze hadden dienst gedaan als ouderling in de Monsterse kerk en liepen als gewoonlijk gezamenlijk op weg naar huis.

 



Jac. de Zeeuw 1877-1964 een van de oprichters van de Christelijke school.

Toen zei de een tegen de ander: ”Wat zou het toch een voorrecht zijn voor onze kinderen als in Poeldijk een eigen christelijke school zou staan”. Na deze woorden werd hard gewerkt om zo’n school daadwerkelijk op te richten. Het was nog in de tijd van vóór de gelijkstelling van het openbaar en het bijzonder onderwijs. Dat betekende dat de stichting van een christelijke school helemaal voor rekening kwam van de ouders. Bij het groepje protestantse ouders was onvoldoende geld voorhanden. Daar moest wat op verzonnen worden. Dat lukte. Bij de initiatiefnemers was namelijk bekend dat de christelijke school in Monster overbevolkt was. De Poeldijkers stelden voor dat de Monsterse school een dependance in Poeldijk zou openen. Ze verzochten voorzitter Van Dam van de Monsterse schoolvereniging om medewerking. Gelukkig bleek Van Dam het idee te steunen. Dat probleem was dus grotendeels opgelost.

Tegelijkertijd diende zich het volgende probleem aan. Waar lag geschikte bouwgrond? Er werd naarstig gezocht in de kern van het dorp, waar echter niets beschikbaar was. Na lang zoeken bleek tuinder Vreugdenhil zijn tuinland aan de Monsterseweg te willen verkopen. Hij verkocht duizend vierkante meter voor f. 1,40 per vierkante meter, een billijke prijs in die tijd. Het bestuur van de Monsterse school beloofde de kosten van de bouwgrond voorlopig voor haar rekening te nemen. Welke later door de Poeldijkers moest worden terugbetaald.
Daarom werd onder de meeste voorstanders voor de eerste protestante school in Poeldijk een collecte gehouden, Die bracht het grote bedrag van f. 800,- op. In Monster werd ook nog eens f.1000,- opgehaald. Inmiddels was de Poeldijkse Schoolvereniging officieel opgericht. De eerste vergadering was op 23 november 1915 ‘s avonds ten huize van Willem Valstar aan de Vredebestlaan. Als statuten werden die van de scholen uit Monster en Honselersdijk als voorbeeld voor de statuten gebruikt. Jac. de Zeeuw werd gekozen als voorzitter. Een functie die hij maar liefst 40 jaar vol zou houden.
In z’n eerste vergadering besloot het bestuur geld te lenen om een schoolgebouw te laten bouwen. De bestuursleden wendden zich tot een ‘s Gravenzandse bank voor een geldlening van negenduizend gulden, bestemd voor de bouw van de school en een ambtswoning. Directeur Heus deelde mee dat voor dit doel geen lening kon worden verstrekt. Gelukkig wilden anderen wel geld lenen. Mevr. Guldenarm uit ‘s Gravenzandse stelde op zeer aantrekkelijke voorwaarden f. 9000,- beschikbaar. De weduwe Vogelaar uit Poeldijk deed daar nog eens f. 3000,- bovenop. Een architect begrootte de bouw van de school en de woning op f. 13000,-. De laagste inschrijver die de opdracht verkreeg was op 15 april 1916, L. Kleer uit Naaldwijk voor f.14859,-.



Links de eerste Christelijke school langs de Monsterseweg in Poeldijk. Rechts het brugje naar de Polanensteeg.

Op 3 oktober van dat zelfde jaar vond ‘s middags om twee uur de officiële opening van de school plaats. De heer C. Fontein werd de hoofdonderwijzer.
De volgende dag begon de school voor de leerlingen, precies 75 in getal. Voor iedere leerling moesten de ouders schoolgeld betalen. Voor een kind was dat dertig centen per week. Naarmate meer kinderen uit een gezin de school bezochten, hoefden de ouders relatief minder te betalen. Bijvoorbeeld drie kwartjes voor vier leerlingen, eveneens per week.
De school werd het middelpunt van wat men aanduidde als ‘Protestants Poeldijk’. Mede was dit te danken aan de ‘buitenschoolse’ activiteiten van dhr. Fontein. Talrijke verenigingen rond de school werden opgericht. Zelf een vestiging van de Raiffeisenbank. Hoogtepunt was de vestiging van een kantoor van de Raiffeisenbank wat resulteerde in de bouw van een verenigingsgebouw.
In 1942 ging dhr. Fontein met pensioen. Zijn opvolger was dhr. M.B. de Meij die in 1953 Poeldijk verwisselde voor een baan bij het technisch onderwijs te ’s Gravenhage. In 1954 werd als hoofd benoemd dhr. F.C. Groen die tot zijn pensioen bijna 30 jaar de school aan de Monsterseweg diende.
In 1960 heeft het schoolgebouw een grote verbouwing ondergaan. Op 21 April 1983 meldde de Westlandsche Courant dat door terugloop van het aantal leerlingen in de gemeente Monster scholen leeg stonden.
De christelijke school aan de Monsterseweg in Poeldijk moest echter met de ruimte woekeren. Het schoolbestuur kreeg van de gemeente het voorstel om naar de leegkomende St. Jozefschool aan de Verburghlaan te verhuizen. Het schoolbestuur gaf op 20 mei 1983 toestemming. Na een grondige verbouwing van de voormalige St. Jozefschool, voor de somma van f. 650.000,-- werd het gebouw op 8 oktober 1986 in gebruik genomen. Waar het schoolbestuur 72 jaar geleden al naar verlangde(een locatie in het centrum van Poeldijk) werd nu werkelijkheid. De school heette vanaf die dag, de P.C. Basisschool ‘De Regenboog’. Het oude gebouwencomplex aan de Monsterseweg, waar de geschiedenis ooit begon, werd verkocht.
In 1954 werd er een Christelijke Kleuterschool opgericht. Deze werd gevestigd in de kleine vergaderzaal achter het gebouw aan de Monsterseweg. Dit gebouw werd gefinancierd door de Raiffeisen-bank, die er ook haar kantoor had. De eerste kleuterleidster was Mej. L. Stam uit Wateringen. Vanaf het begin was de toeloop naar deze kleuterschool zo groot dat men in 1956 tot een algehele restauratie van het gebouw moest over gaan. Hier heeft men de kinderen lesgegeven tot 1986 waarna het inmiddels gefuseerde kleuteronderwijs met het lager onderwijs verhuisde naar de grondig verbouwde Christelijke Regenboog school aan de Fonteinstraat in het hart van Poeldijk.
Na 87 jaar protestants-christelijk onderwijs in Poeldijk kregen de ouders en leerlingen van de basisschool De Regenboog op donderdag 8 maart 2001 van het schoolbestuur te horen dat hun school zal gaan sluiten. De wet opheffingsnorm voor deze school is bereikt. Het leerlingenaantal van de school is te laag. Toch kan niet worden weggenomen dat het schoolbestuur en de meeste ouders het er niet bij laten zitten. Zij hebben het stellige voornemen om de schouders er gezamenlijk onder te zetten.
De ouders gaan een wervingsactie voor nieuwe leerlingen voeren in het aantrekken van nieuwe leerlingen. Ook gaan zij in overleg met de besturen van gelijkgestemde scholen in Honselersdijk en Monster. De laatst genoemde scholen hebben juist te kampen met een te groot leerlingenaantal.

 

 

 

 Index Boek        Volgende hoofdstuk