Stinkende Kees is jarig !!!
Zet hem op de pot
Oh, wat stinkt die vuilak
Ik doe de deur op slot

 

In de tijd van de goedheilig man was dit de brutale versie van het ‘Sinterklaas is jarig’ lied. Dat werd op straat luidop gezongen als je stoer wilde doen en dan lachte je besmuikt in je vuistjes.

Maar oh, wat was dat toch ieder jaar weer een gebeurtenis om naar uit te kijken het Sinterklaasfeest. De hele wereld had er nooit van gehoord maar wij Nederlanders vieren dat feest met volle overtuiging. En ik vind ook dat dit  zo moet blijven. Wat en wie er ook allemaal ons land opzoeken om een paar centen te verdienen, ik vind niet dat we onze tradities en volksgebruiken te grabbel moeten gooien omdat buitenstaanders daar mogelijk verkeerde gedachten over zouden kunnen hebben. Ik denk niet dat er ook maar enig kind een discriminerende of racistische gedachte over zwarte Piet heeft gehad. Dat is pas ontstaan toen mensen, met een minderwaardigheidcomplex en  die er geen snars van begrepen wat begonnen te roepen. Plots zag je Pieten die ook groen, geel, blauw of rood geschminkt moesten worden want dan werden er geen negertjes mee bedoeld. Ik denk juist,dat door daar zo toegeeflijk mee om te gaan er eerder een indruk gewekt wordt dat er voorheen blijkbaar een discriminerende gedachte achter gezeten zou hebben.

Hoe apart is toch de traditie dat mensen elkaar een cadeautje geven, dit in een surprise verpakken en dit begeleid met een persoonlijk gedicht aan iemand geven die door het lot is bepaald. Daar moeten we zuinig op zijn, dat kom je nergens in de wereld tegen. Natuurlijk kan je ook met Kerstmis een mand met cadeaus onder de boom zetten, zodat een ieder zijn cadeau er onderweg kan pakken. Maar juist het verzinnen van een surprise en het maken van het gedicht, wat voor velen blijkbaar een crime is, maakt het Sinterklaasfeest en ook het cadeau zo apart. Hoe hebben wij van de firma Scholtes thuis met gips, plakband, viezigheid, papier-maché en andere viezigheid zitten rommelen om de avond maar zo lang mogelijk te laten duren.

Persoonlijk was ik niet zo’n ster met de schaar en het plakwerk maar ik had een andere tactiek bedacht. Ik kon er persoonlijk een groot plezier aan beleven om het slachtoffer, dat ik had getrokken, alle hoeken van het huis te laten zien. Overal lag dan wel weer een verwijzing in dichtvorm waar de volgende aanwijzing gevonden kon worden. Er moesten touwtjes doorgeknipt worden waardoor en plotseling vlak voor het raam een doos met ‘oud’ serviesgoed aan diggelen ging en de hele club van schrik om zich heen zat te kijken. Enfin, we hielden elkaar  wel bezig en dat werd dan nog eens heerlijk afgeserveerd met een omvangrijk gedicht. Daar waren ze trouwens bij de ‘Firma’ allemaal wel zeer goed in. We zaten niet om een rijmwoordje verlegen en er werd ook niet bezuinigd op de steken onder water. Als de surprises achter de rug waren, waarbij het uiteindelijk niet zozeer ging om het grote cadeau  maar meer om de gein en de prullaria,  dan kregen we van onze ouders allemaal nog iets ‘groots’. Daar zat dan ook altijd wel wat  nuttigs tussen zoals sokken of iets anders waar je niet op zat te wachten maar toch ook wel iets wat je echt gevraagd had. Ik sta nog op de foto als de trotse bezitter van een paar spieksplinter nieuwe rolschaatsen waar ik bij de oude groenteveiling zo heerlijk van de schuine stukken naar beneden kon roetsjen omdat het beton daar zo lekker glad was.

Wie er nou toch iedere keer bij ons op het raam bonkte en aan de bel trok als de pakjes werden afgeleverd daar heb ik nooit navraag naar gedaan. De hele familie zat altijd in de kamer als het zover was. Het spul zat altijd wel in de zinken teil waar wij vroeger allemaal op zaterdagmiddag nog in gewassen werden toen er bij ons nog geen waterleidingaansluiting was. Die had Sint blijkbaar toch wel ergens bij ons in het achterschuurtje weten te vinden.

Op school had ik al wel eens een Zwarte Piet gezien die nog een witte nek had maar dat had me toch niet van mijn geloof doen vallen. Ik was pas echt ontdaan toen ik geconfronteerd werd met een Sinterklaas met een grote bril. Dat was wel zo stom. Die leek helemaal niet op de Sint van de televisie. Hoe mensen zo stom kunnen zijn om een Sinterklaas met een bril op te laten treden, kon ik niet begrijpen. Misschien was het wel de voorzitter van de winkeliersvereniging die ook zo nodig in de belangstelling wilde staan. Enfin, vanaf dat moment konden mijn ouders links of rechtsom praten over dat Sinterklaas een leesbril had, het was al een oude man die ieder jaar toch maar weer een jaartje ouder werd, en oma had toch ook een bril etc. etc.. Maar ga dan niet als Sint met een bril met zwaar montuur op een paard zitten als er niets te lezen valt.!!! Ik heb het er zwaar mee gehad en besloot uiteindelijk niet meer in Sinterklaas te geloven. Het was helemaal over toen er ergens een zwarte Piet na het strooien, om het hoekje van de deur, zich niet op tijd uit de voeten had gemaakt. Wij renden naar de deur, trokken deze verder open en zagen iemand staan met alleen maar een zwarte handschoen en een gekleurde mouw om zijn strooiarm. Het zijn altijd weer de amateurs die het moeten verknoeien.

 Het zetten van de schoen bij de kachel is ook zo onlosmakelijk verbonden met dit volksfeest. Met het verdwijnen van de kachels was het verhaal toch wel wat moeilijker te verkopen als de schoentjes bij een verwarmingsradiator gezet moesten worden. Wij van ‘de Firma’ hadden dat opgelost door de schoen bij de verwarmingsketel in de bijkeuken te zetten. Daar kon Piet ongestoord de chocolade kikkers, verpakt in zilverpapier, in de schoenen stoppen. Dat er nooit brandplekken op het snoepgoed zaten dat vroegen we ons niet hardop af. Zolang er nog geleverd werd namen we alles voor zoete koek aan.

Vanaf het moment dat je niet meer geloofde hoorde je bij de grote kinderen en het jaar later was je dan druk bezig om tussen de regels door aan de jongste kinderen toespelingen te maken over nepsinterklazen. Maar het is verwonderlijk hoe trouw kinderen nog blijven geloven als ze daar nog de leeftijd voor hebben. Zelfs al staat er een gewone man  met alleen maar een mijter op zijn hoofd dan kan dat nog Sinterklaas zijn. Maar een Sinterklaas met een bril dat was voor mij persoonlijk nou net iets te onwaarschijnlijk. Sint moet er gewoon ieder jaar even oud en hetzelfde uitzien. Ook de leeftijd is overal anders, iedereen roept maar wat. Toen ik zelf regelmatig voor Sinterklaas speelde en een moeder was zo bij de hand om te vragen hoe oud Sint nu toch wel niet was dan riposteerde ik verontwaardigd dat ik toch ook aan haar niet vroeg hoe oud zij was. Als een kind mij de leeftijdsvraag stelde dan stelde ik de wedervraag: “ Hoe oud denk jij dat Sinterklaas is?”  Als er dan een getal werd genoemd dan zei ik steevast: “Oh, nee veel ouder.” En daar namen ze genoegen mee.

Ik wens iedereen dit jaar weer een gezellige surpriseavond toe. Tot volgend jaar!!

                                                         

                                                                            De Sint

©Jan Scholtes