Nederland zonder boeren wordt een land van ouwehoeren.

 

Nu toch onder elkaar zijn, lekker knus op de site van ons voormalige of huidige dorp, moeten we het er maar eens over hebben. We hebben allemaal direct of indirect wel iets met de tuinbouw te maken of te maken gehad. Zij die niet een tuinderij hadden waren soms wel in het bezit van hoekie grond bij een tuinder. Vaak een reepje grond langs het warenhuis en een sloot of een ander verloren stukje grond waar dan wat groenten voor ‘eigen eet’ werd geteeld. Een mens moet eten nietwaar en als de grond er toch ligt en je hoeft er alleen maar wat zaadjes of plantjes in te stoppen om er na wat tijd van te kunnen eten, dan is dat goedkoop en het maakt je onafhankelijker van prijsschommelingen op de markt. Kleren kunnen gerust wel een paar jaar langer mee, een meublement gaat nog jaren extra mee met een mooie grote lap eroverheen, daar is allemaal mee te leven. Maar zonder eten heb je echt een probleem en als je daarin jezelf kan bedruipen dan zijn zware tijden wel te overleven.

De regering hangt  echter de ideologie aan om van Nederland een Kennisland te maken. Daar zullen we het van moeten gaan hebben in de toekomst, daar moeten we onszelf naar toe ontwikkelen in het grote Europa. Adviseren, ontwerpen, onderzoeken en slepen daar zal Nederland zijn brood mee moeten gaan verdienen en de landbouw zal steeds meer een marginaal bestaan gaan leiden. Dat vervuild immers teveel en daar hebben we de ruimte niet meer voor in dit overvolle land. Landen met meer ruimte moeten dat maar gaan overnemen. Straks zijn we immers echt een verenigd Europa en als ieder provincieland doet waarin het sterk is dan komt het allemaal goed.

Zo adverteren we ook al jarenlang met de slogan  ‘Nederland Transportland’ en u ziet hoe goed dat werkt. Doordeweeks staat er op de rechterrijbaan van bijna al onze ‘snel’wegen kilometers vrachtwagen geparkeerd die niet heen of weer kunnen en er zijn twee peperdure treinlijnen aangelegd die al jaren ongebruikt liggen weg te roesten.

 

Ziet u het al voor u, heel Nederland eet van het werk van de baggeraars in het verre oosten van de ingenieurs en  tekenaars van dijken, sluizen en bruggen en de Nederlandse zeesleepbedrijven. Die zullen toch een flink loon moeten verdienen om ons aan de eet te houden. Nou is dat gevoel van een Verenigde Staten van Europa (V.S.E.) ook wel de EU genoemd, ver te zoeken en is het meer een speeltje van de Europese middenstand.

In Amerika is iedere burger import, zijn de mensen los van hun geboortegrond en moeten ze zich daar wel verenigen onder een vlag , een taal en een zich ontwikkelende McDonalds cultuur.

Hier in Europa is weinig gemeenschapzin te bespeuren tussen een Oekraïner en een Italiaan of een Ier met een Bulgaar, en bedenkt u zelf nog maar wat meer excentrieke combinaties. Eigen koningshuizen, eigen taal, eigen eetgewoontes etc. Iemand uit Naaldwijk wil al niet op straat gezien worden met iemand uit Monster, ik noem maar wat.

Nee, wanneer we het verbouwen van voedsel over laten aan het buitenland, dan zullen we het in tijden van politieke - of wat voor nood dan ook, moeten hebben van droppings  van voedselpakketten. Dan zijn we onze zelfstandigheid kwijt en zouden er situaties kunnen ontstaan, zoals in Rusland dat bij stout gedrag van de gasklanten als politieke druk de gaskraan dicht draait.

 

Mijn schoonmoeder heeft in de hongerwinter  met de fiets eten moeten halen in de Achterhoek. Dat was al stoer, maar om nou op de fiets naar Polen te fietsen voor een fietstas aardappelen, een halfje wit,een halfje donkerbruin en een stuk Poolse worst, daar word ik nu al moe van. En dan heb ik nog ervaring met grote fietstochten, maar U zie ik het niet doen.

 

Dus onze vruchtbare landbouwgrond verpatsen aan recreatiemeren en de boeren op de vlucht jagen en mijn hele straat laten leven op de inkomsten van die ene adviseur en die parttime ingenieur die bij mij in de straat woont, dat voelt niet logisch en veilig. Dan krijg ik echt de neiging mijn gazonnetje om te spitten en een volkstuintje aan te leggen, een klein reddingsbootje op mijn dak te parkeren voor als het water gaat stijgen en als kleine keuterboer verder te gaan.

 

Nee, ik ben niet depressief, integendeel, ik lach me vaak een kriek om al die luchtkastelen en kretologieën over Europa. Maandelijks het hele parlement van Brussel naar Straatsburg verhuizen en visa versa, en dat al jarenlang, dat roept bij mij geen beeld op van eenheid en besluitvaardigheid. Europese parlementleden die op vrijdagochtend nog even snel hun handtekening op de presentielijst zetten, geld vangen om vervolgens snel weer naar hun thuisland af te reizen, want dan hebben ze nog wat aan hun weekend, die zijn niet echt met mijn belang bezig.

 

Enfin, ik bedoel maar; ’t komt allemaal goed als we maar niet ons hoofd op hol laten brengen en met ons boerenverstand naar de wereld blijven kijken. Wat de tijd ook brengen zal ; bankcrisis, kredietcrisis, voedselcrisis of klimaatcrisis , zorg altijd voor ‘een eigen stukkie grond voor eige eet’ al was het in de plantsoenen van het dorp. Iedereen natuurlijk ‘s morgens vroeg effe helpen  om te plukke. En zij die geen stukkie grond hebbe kenne bemachtiguh zorg dat je nog wat kennis of adviezen te verkopen hebt dan komen we met ze alluh deze tijduh wel door.

 

Het gaat jullie goed en een gelukkig 2009

©Jan Scholtes